Bert Ernste – Utrecht | São Paulo • weblog

Brazilië, West-Papua, media en meer

Archive for the ‘indianen’ tag

Braziliaanse indianen in de Republiek

4 comments

Afbeelding van gravure

Brazilië, jaren 1640. Gravure van een ontmoeting tussen indianen en WIC-officieren nabij Fort Ceulen in de capitania Rio Grande do Norte in de jaren veertig van de zeventiende eeuw. Gemaakt door Jan van Brosterhuyzen naar een origineel van Frans Post.

Op 20 maart 1628, zes maanden voordat Piet Hein de Spaanse zilvervloot veroverde in Cuba, vond een bijeenkomst plaats in Amsterdam tussen zes Braziliaanse [Potiguara] indianen en Kiliaen van Rensselaer, een van de bewindhebbers van de Amsterdamse Kamer van de West-Indische Compagnie (WIC). Het buitmaken van de zilvervloot is een van de meest legendarische momenten uit de overzeese Nederlandse geschiedenis geworden, maar bijna niemand weet van de ontmoeting tussen de indianen en Van Rensselaer. Deze Zuid-Amerikanen hielpen Nederland een wereldmacht te worden.

Omslag boekDat lees ik in het hoofdstuk Braziliaanse indianen in de Republiek door Mark Meuwese in het boek Wereldgeschiedenis van Nederland (recensie) (interview met samensteller).

Na hun aankomst in Nederland in de herfst van 1625 werd de delegatie door de WIC opgeleid tot tolken en inlichtingenofficieren. (…) Om een nieuwe invasie deze keer wel te laten slagen was er de Heren Negentien alles aan gelegen om betrouwbare inlichtingen te verkrijgen over de bewoners en het gebied. Hiervoor waren de Potiguara onmisbaar. Na een opleiding van bijna drie jaar waren de meeste Potiguara in staat om in het Nederlands gedetailleerde informatie te geven over de geografie en de etnografische situatie van het Braziliaanse noordoosten. (…)

De WIC (West Indische Compagnie) wilde de Portugese vestigingen in Brazilië veroveren, gebruik makend van het feit dat die nu onder de Spaanse kroon vielen, waartegen de Nederlandse provincies toen vochten (Tachtigjarige Oorlog).

Het liep uiteindelijk tragisch af met de Potiguaradelegatie. Na de tweede invasie van het Braziliaanse noordoosten in 1630 werden de Potiguaratolken snel naar het bruggenhoofd in de capitania Pernambuco verscheept. Vijftien jaar lang fungeerden zij als verbindingspersonen tussen de WIC en haar indiaanse bondgenoten. Pieter Poty en Antônio Paraupaba werden door het WIC-bestuur aangesteld als leiders van de indianen uit de missiedorpen. Na de Portugese opstand in Pernambuco tegen het WIC-bestuur in 1645 verslechterde de situatie snel. In 1649 werd Poty gevangengenomen door de Portugezen. Een jaar later stierf hij onder mysterieuze omstandigheden gedurende zijn transport naar Portugal. Na de Nederlandse overgave van Brazilië in januari 1654 vluchtten grote aantallen Potiguara en andere indiaanse bondgenoten van de WIC naar Ceará. Toen de Nederlanders daar echter ook vertrokken, scheepte Antônio Paraupaba en zijn familie zich in op een WIC-schip. Antônio’s vader Caspar besloot op het laatste moment in Ceará te blijven, maar Antônio en zijn familie bereikten de Republiek in de zomer van 1654. Tweemaal probeerde Antônio de Staten-Generaal middels petities te overtuigen om militaire en humanitaire hulp te zenden aan de overgebleven indiaanse bondgenoten in Ceará. Beide keren werden de petities genegeerd door de Staten-Generaal die ernstig verdeeld waren over de kwestie Brazilië. Antônio overleed in de Republiek in 1656 als een van de eerste politieke vluchtelingen in Nederland. Na Antônio’s dood vertrokken zijn vrouw, kinderen en enkele andere Potiguaravluchtelingen naar het Caribisch gebied alwaar ze uit ons zicht zijn verdwenen.

Meer over Nederlands Brazilië: Het einde van het Nederlandse tijdperk in Brazilië (Historiek)

Indianen op de trap

2 comments

Foto van trap met namen

São Paulo (SP) Brazilië 2012

Deze trap op het complex van het Memorial da América Latina vermeldt de namen van alle bekende indianengemeenschappen in Brazilië.

Ondanks de erkenning op de trap zijn de indianen in Brazilië vergaand gemarginaliseerd. De huidige rechtse regering van het land draait de bescherming van land van de inheemse bevolking verder terug en bezuinigt op de instellingen, die de belangen van indianen moeten behartigen.

Meer over inheemse volken.

Written by Bert Ernste

september 3rd, 2017 at 5:21 am

Brasiliana: indianen

2 comments

Foto van twee prenten met indianen

São Paulo (SP) Brazilië 2015

Toen de Amerika’s werden ontdekt en vervolgens verkend, was de wereld gefascineerd. Verhalen over exotische (naakte!) indianen, vreemde dieren en planten spraken tot de verbeelding, vaak aangedikt door de stoere verhalen waar zeelieden mee thuis kamen. Fotografie bestond nog niet, dus de mensen thuis waren afhankelijk van prenten. Die prenten werden vaak gemaakt door tekenaars, die het onderwerp van hun prenten helemaal niet gezien hadden, maar hun afbeeldingen maakten aan de hand van die al dan niet aangedikte reisbeschrijvingen.

Jean-Baptiste DebretPrent van indiaanse slaven ging wel zelf naar Brazilië en maakte prachtige afbeeldingen van het koloniale leven daar. Daarbij beeldde hij ook de nare kanten van het kolonialisme af, zoals op de prent met indiaanse slaven (van Wiki). Debret maakte zijn werk in de negentiende eeuw.

Diverse prenten van Debret zijn te zien op de (permanente) tentoonstelling van Brasiliana in het Centro Cultural Itaú aan de Avenida Paulista in São Paulo. De moeite waard!

Meer blogposts over deze tentoonstelling: Brasiliana | Brasiliana: kaart | Brasiliana: indianen voor de koning | Brasiliana: Frans Post portretteert Nederlands Brazilië | Brasiliana: prins Johan Maurits.

Written by Bert Ernste

november 22nd, 2015 at 6:31 am

Brasiliana: indianen voor de koning

2 comments

Foto van prent van indianen

São Paulo (SP) Brazilië 2015

Het is fantastisch dat we tegenwoordig door boeken en films thuis kennis kunnen nemen van de meest verafgelegen plaatsen. Dat heeft ons echter ook iets ontnomen: de volslagen verrassing van de ontdekkingsreiziger die totaal onbekende gebieden betreedt.

Om de Franse koning te laten meegenieten van de ontdekkingen in de nieuwe wereld, werden de indianen op deze prent meegenomen naar Europa. De tekst bij deze prent uit 1613 van Du Vierte en Mariette luidt: “Dit zijn waarheidsgetrouwe afbeeldingen van de wilden van het eiland Maranhão genaamd Tupinambás, naar de koning van Frankrijk gebracht door de heer de Razilly. Ze zijn afgebeeld in de positie van hun dansen.”

Waarheidsgetrouw? Aan hun Europese gelaatstrekken te zien, heeft de tekenaar de indianen niet zelf gezien, of zat hij vast in het beeld van de mensen, die hij tot dan toe kende. Ook valt op dat de indianen in Europese kleding zijn gehesen, al is dat in verband met de Franse kou waarschijnlijk wel verstandig.

De prent is te zien op de (permanente) tentoonstelling van Brasiliana in het Centro Cultural Itaú aan de Avenida Paulista in São Paulo.

Meer blogposts over deze tentoonstelling: Brasiliana | Brasiliana: kaart | Brasiliana: indianen | Brasiliana: Frans Post portretteert Nederlands Brazilië | Brasiliana: prins Johan Maurits.

Written by Bert Ernste

november 21st, 2015 at 6:31 am

Brieven uit Brazilië: reizen in een primitief land

leave a comment

Omslag boekTussen 1897 en 1902 reisde de jonge Nicolaas Verschuur door Zuid-Amerika en met name Brazilië op zoek naar edelstenen. Over zijn wederwaardigheden schreef hij brieven in de krant Het Nieuws van den Dag. Brazilië was toen nog grotendeels ongerept, in de zin dat er weinig wegen waren. Het reizen was bijzonder avontuurlijk, mede door de diverse indianenstammen, die lang niet allemaal gediend waren van blanke indringers.

In 1989 verscheen bij de Arbeiderspers een boek, bezorgd door August Willemsen, met daarin veertig van de zestig brieven die Verschuur schreef. Voor wie zich een voorstelling wil maken van hoe het Braziliaanse binnenland er uit zag rond de eeuwwisseling van de negentiende naar de twintigste eeuw is dit boek beslist een aanrader.

In de eerste brieven in het boek schrijft Verschuur een aantal malen over de verwarde politieke toestand in de Braziliaanse deelstaat Bahía. Het is ten tijde van de oorlog van Canudos, waarin Antônio Conselheiro duizenden mannen en vrouwen om zich heen verzamelde, die armoede leden en in Conselheiro een (religieus) leider zagen die heil zou brengen. Toen zij zich vestigden in Canudos (op grond van een grootgrondbezitter) kregen zij het aan de stok met de gevestigde orde. Ook werden Conselheiro en zijn volgelingen er valselijk van beschuldigd de monarchie te willen herstellen. Keizer Dom Pedro II was in 1889 afgezet en Brazilië werd een republiek. Een zenuwachtige burgemeester van het stadje Juazeiros vreesde een invasie van de volgelingen van Conselheiro en riep hulp in van het leger, dat er aanvankelijk niet in slaagde om de ‘Conselhistas’ te verslaan.

Verschuur merkt de onrust in Bahía en hoort een en ander over de gebeurtenissen en schrijft: “Hoe dit eindigen moet in dit bijgelovig fanatiek land is vooralsnog een raadsel. Zolang hij niet dichter in onze buurt komt, niet een of andere volgeling in onze buurt verdwaalt en nog ontzettender wonderen van de apostel opdist, zal het hier wel rustig blijven.” (Uiteindelijk werden Conselheiro en zijn volgelingen bloedig verslagen. Vargas Llosa schreef over die episode het spannende boek De oorlog aan het einde van de wereld | The war of the end of the world.)

Dat conflict speelt zijdelings een rol in het verhaal van Verschuur, maar de meeste brieven gaan toch over zijn zoektocht naar (half)edelstenen en zijn directe omgeving. Zoals dat in die tijd gebeurde spreekt hij over zijn donkere dienstmeid als ‘zwartje’ en het woord ‘neger’ heeft nog geen negatieve bijklank. Grappig is dat Verschuur een Nederlands kookboek, Aaltje de volmaakte en zuinige keukenmeid bij zich heeft om zijn dienstmeiden aanwijzingen te kunnen geven. Voor het bereiden van poema neemt hij het recept voor haas en voor de restanten van de maaltijd dat van hazepeper.

Een bezoekende groep kunstenmakers leidt tot grote opwinding in het dorp waar Verschuur verblijft. De jeugd staat hen al op te wachten aan de rand van het dorp. “Eindelijk kwamen zij aan, vijf personen, hun bagage gepakt op twee magere paarden, zó broodmager dat het een wonder was hoe zij hun last konden dragen.” De artiesten brengen na hun optreden de notabelen van het dorp een afscheidsbezoek. Ook Verschuur valt die eer te beurt, maar hij “was zeer blij toen deze zeldzaam smerige negerfamilie mijn deur weer uit was”.

Zo beschrijft Verschuur in nuchtere termen, zonder uitgebreide analyses of oordelen, zijn leven in Brazilië. Op weg naar Bolivia ontmoet hij een poemajager, die hij in het Spaans aanspreekt. De poemajager blijft ondanks fraaie Spaanse volzinnen zeer argwanend. Totdat Verschuur zijn Luxemburgse metgezel in het Duits toeroept om de geschoten poema van de jager te komen bekijken. De jager laat zijn geweer vallen, de tranen biggelen over zijn wangen en hij zegt: “Hoe dank ik de hemel dat ik nog eenmaal mijn moedertaal hoor. Sinds 20 jaar is mij de straf opgelegd, gedoemd ver van mensen in deze wildernis te leven, en nu ik weer voor het eerst mijn moedertaal hoor, nu is mij het hart zo vol, zo week”. Verschuur en zijn metgezel vragen uit respect niet naar het drama achter deze woorden.

De passage tekent hoe anders het reizen in die tijd was, zeker als je de wildernis introk. Geen communicatie, anders dan door het sturen van een boodschapper. Geen mobiele telefoon, satelliettelefoon of andere elektronica, zelfs geen telefoon.

Verderop vertelt Verschuur van de gemeenschappen van gevluchte slaven, die in het oerwoud wonen. Na de afschaffing van de slavernij breidden deze gemeenschappen zich nog verder uit. “(…) zo ontwikkelden zich zich in de wildernissen gehele negerstammen die, afgescheiden van alle aanraking met de blanken, hoe langer hoe meer verwilderden, en in de oerwouden leefden zoals hun voorvaderen in het verre Afrika. Toch zijn die wilde of verwilderde stammen niet buitengewoon gevaarlijk, men moet met alle mensen weten om te gaan, tamme en wilde”.

Ook Verschuurs verhalen over de indianen zijn interessant om te lezen. Zo vertelt Verschuur van de Mataco’s, die hand aan hand zwemmend een woest stromende rivier zo breed als het Amsterdamse IJ weten over te steken. Soms maken ze daarvoor ook vlotten. Verder heeft hij weinig goede woorden over voor de Mataco’s: “de lamlendigheid en loomheid van dat volk beschrijven is ondoenlijk”.

Voor de Chiruanen aan de grens met Bolivia heeft Verschuur meer waardering. Die maken van een koeienhuid een soort vierkante bak om een rivier over te steken. Een indiaan op een paard trekt de bak en een aan de achterkant meezwemmende indiaan zorg voor de balans.

Hoe primitief en armoedig grote delen van Brazilië rond 1900 waren, blijkt uit Verschuurs brief uit Bom Jesus de Lapa, waar hij op zijn metgezel wacht. Een van zijn ossen gaat dood na het eten van giftige planten. Verschuur sleept de dode os buiten de bewoonde kom en vilt die. Nauwelijks heeft hij de huid van het dier af en wil hij het door het gif zwart geworden vlees aan de gieren laten, of “hongerige ongelukkigen stonden gereed om om twistend de buit te verdelen. Ondanks mijn waarschuwingen vielen de hongerlijders erop aan; de sterksten kregen het meest. Mannen en vrouwen vochten om die bloederige stukken; het was onmogelijk er mij tegen te verzetten. ’t Was een mensonterend, walgelijk schouwspel.”

Alles bij elkaar is Brieven uit Brazilië van Nicolaas Verschuur een zeer prettig lezend boek over pionieren in andere, voor de moderne reiziger die voortdurend online is, bijna onvoorstelbare tijden. De brieven zijn nuchter geschreven, registrerend zonder veel oordelen en met een prettige dosis verbazing en humor. Zeer aanbevolen!

Nicolaas Verschuur, Brieven uit Brazilië

Meer Brazilië

Written by Bert Ernste

juli 27th, 2013 at 8:11 am

Zieltjes winnen

one comment

Afbeelding van pater Anchieta met indianenPater José de Anchieta, hier afgebeeld bij het kerstenen van indianen, is in Brazilië een iconische figuur. De Spaanse missionaris en jezuiet speelde samen met de Portugese jezuiet Manuel de Nóbrega een grote rol bij het begin van de Portugese kolonisatie van Brazilië. Anchieta wordt beschouwd als een van de stichters van São Paulo (1554) en Rio de Janeiro (1565).

Je komt de naam Anchieta dan ook overal in Brazilië tegen, net als standbeelden en andere monumenten voor hem. De foto laat het voetstuk zien van het standbeeld van Anchieta voor de kathedraal van São Paulo. Een van de twee grote wegen van São Paulo stad naar de kust is de Rodovia Anchieta. In het kustplaatsje Itanhaém (SP) is een speciale, 220 meter lange loopbrug gebouwd naar een rotspartij, die bekend staat als het Bed van Anchieta (Cama de Anchieta). Daar zou de pater overnacht hebben. Het is een ruim, maar wel hard bed.

Ik probeer mij altijd voor te stellen hoe die eerste contacten met de inheemse bevolking eeuwen terug verliepen. Men had toen niet de beschikking over de overdaad van informatie, die we nu hebben. Wie in onbekende streken aan land ging, wist vrijwel niets van de lokale omstandigheden. In de roman Braziliaans rood (Rouge Brésil) van Jean-Christophe Rufin over Franse pogingen een kolonie te stichten in de baai bij wat nu Rio de Janeiro is wordt dat fraai verteld.

Meer boeken Brazilië | Meer Brazilië

Frustratie: problemen die niet verdwijnen

2 comments

Foto kop uilToen ik in de jaren ’70 van de vorige eeuw mijn middelbare school afrondde, zaten we midden in een culturele revolutie. De jongeren hadden de zitten regentenklasse de wacht aangezegd (geïnspireerd door Parijs 1968) en zouden het allemaal wel even anders gaan doen. De derdewereldbeweging, zoals dat toen heette, bloeide, want velen vonden dat de koloniën onafhankelijkheid verdienden, steunden bevrijdingsbewegingen en maakten zich sterk voor de ontwikkeling van arme landen. Ook in eigen land zou alles anders worden. Daar zat natuurlijk een flinke brok naïviteit in. De wereld bleek veel minder maakbaar dan we dachten.

Zelfs als ik dat in gedachten houd en besef dat veranderingen (veel) langer duren dan we toen in jeugdig optimisme dachten, blijft het mij frustreren dat sommige problemen blijven voortbestaan en dat de mensheid niet in staat is die op te lossen. Enkele voorbeelden.

Het Palestijnse probleem
De Palestijnen kunnen al zestig jaar hun recht op zelfbeschikking niet uitoefenen, omdat Israel de internationale rechtsorde en talloze VN-resoluties aan zijn laars lapt. De Verenigde Staten (al dan niet met bondgenoten) zijn landen om veel minder binnengevallen (Irak), maar Israel wordt buiten schot gelaten. Zie hier en hier.

Nederlands Nieuw-Guinea | West Papua
Sinds Nederland haar laatste kolonie in de Oost, Nederlands Nieuw-Guinea (nu West Papua), in 1962 verliet, lijdt de lokale bevolking (de papua’s) onder het Indonesische regime, dat zijn legitimiteit baseert op de frauduleuze volksstemming van 1969. De situatie van de lokale bevolking, die inmiddels in de minderheid is, is erbarmelijk zoals talloze rapporten steeds weer aantonen. Zie hier en hier.

Inheemse volken: indianen
Ook de situatie van inheemse volken wereldwijd is een probleem dat maar niet weg gaat. Om mij te beperken tot mijn aandachtsgebieden: de indianen van Brazilië worden nog steeds verdrukt en dreigen het onderspit te delven tegen oprukkende sojaplantages (onder andere voor ons veevoer) en suikerrietplantages (onder andere voor onze biobrandstoffen). Dat oprukken gebeurt vaak gewapenderhand: pistoleiros bedreigen of vermoorden indianen en kleine boeren, die opkomen voor hun rechten. Zie hier en hier.

Dat niet alles zo eenvoudig op te lossen is als ik mijn jonge jaren in eindeloos optimisme meende, begrijp ik inmiddels. Maar kunnen we nou echt geen enkel van dergelijke problemen eens en voor altijd de wereld uithelpen?!

Aanvulling 9 december 2012: Lees over die vraag ook deze column van Thomas von der Dunk.

Meer columns

Mysteries van de wereld: beschaving in het regenwoud

2 comments

Omslag boek 'Brazilian adventure'Zijn er nog wel ontdekkingen te doen in deze wereld? Als je de schitterende natuurdocumentaires van de BBC ziet en de documentaires van National Geographic Channel bekijkt, dan lijkt het dat de mens inmiddels overal is geweest en de hele wereld uit en te na in kaart heeft gebracht.

Op het eerste gezicht zijn er alleen nog grote mysteries op te lossen voor wat betreft het reilen en zeilen van de kosmos, waar we volgens natuurkundige Robbert Dijkgraaf maar vier procent van begrijpen. Ook in de diepte der oceanen valt nog wel het een en ander te ontdekken, ondanks de spectaculaire beelden, die we daarvan op televisie hebben kunnen zien. Op die twee gebieden zijn verkenningstochten alleen mogelijk met behulp van topwetenschap en spitstechnologie (ruimtevaartuigen dan wel extreem diep varende onderzee-apparaten). Dat is heel anders dan de vroegere ontdekkers, die te voet, te paard of te ezel, in kano’s of op sledes op expeditie gingen naar onbekende streken op de aardbol, zoals de binnenlanden of de polen.

Regenwoud
Toch zijn er ook op het droge deel van de aardbol vandaag de dag nog veel open vragen. Een groot mysterie vormt het regenwoud in Zuid-Amerika. De ontdekkingsreizigers van de zestiende eeuw schreven dat er hele beschavingen te vinden waren. Daar werd lang weinig geloof aan gehecht, maar inmiddels zijn er in het regenwoud resten van culturen gevonden, die niet passen in het beeld dat we nu hebben van ‘primitieve’, kleine indianenstammen in een uitgestrekt, dunbevolkt gebied.

Zo zijn er veel sporen van rijk versierd aardewerk gevonden, en stukken met zwarte aarde, die duidelijk aangelegd zijn om landbouw te bedrijven. Dat gaat tegen het heersende idee in dat het regenwoud te arme grond heeft om een landbouwsamenleving mogelijk te maken. Ook grottekeningen en aangelegde patronen in het landschap duiden op verloren beschavingen, waar we nog maar weinig van weten.

De stad Z
Omslag boek 'The lost city of Z'De verhalen over die verloren beschavingen leidden begin vorige eeuw tot een ander mysterie: dat van de expeditie van de Britse ontdekkingsreiziger Percy Fawcett, die tijdens een ontdekkingstocht in het Braziliaanse regenwoud in 1925 verdween. Fawcett was op zoek naar een vermeende ‘verloren’ beschaving in het regenwoud, die hij de ‘stad Z’ had gedoopt. Zijn expeditie kreeg wereldwijde aandacht en daardoor was de hele wereld begaan met zijn lot. Er gingen wilde theorieën rond, bijvoorbeeld dat Fawcett Z gevonden had en zich daar had gevestigd en niet terug wilde naar de ‘beschaving’. Fawcetts vrouw hield haar leven lang vol dat haar man nog in leven moest zijn. Diverse expedities gingen op zoek naar Fawcett, waarbij meerdere doden waren te betreuren. Peter Fleming beschreef in zijn spannende reisverslag Brazilian adventure (1933) een van de expedities, die probeerden uit te vinden wat er met Fawcett gebeurd was.

Recent (2009) schreef David Grann met The lost city of Z een fraai overzicht van Fawcetts leven, zijn mislukte laatste expeditie en de nasleep die deze had. Grann beschrijft mooi de context van de expedities van de eerste helft van de vorige eeuw en wat voor man Fawcett was. Hij gaat na waar Fawcett zijn geloof in Z vandaan haalde en vindt in diens aantekeningen aardig wat serieuze aanwijzingen voor de mogelijkheid dat er complexe beschavingen in het regenwoud waren. Fawcett was zeker geen naïeve dromer over ‘steden van goud’. The lost city of Z beschrijft minutieus wat er bekend is van de expedities van Fawcett, de concurrentiestrijd tussen de bekende explorers van die tijd en de expedities, die na Fawcetts verdwijnen naar hem op zoek gingen.

Grann duikt niet alleen in de de archieven, hij reist ook zelf naar Fawcetts laatst bekende kamp, dat volgens Grann niet lag op de plaats waar anderen het zochten. Volgens Grann hield Fawcett indertijd de precieze locatie geheim. Hij komt ter plekke en meent daar het mysterie van Fawcett te hebben opgelost. Hij raakt ervan overtuigd dat Fawcett door indianen is vermoord, wat uiteraard al eerder was geopperd.

Ooit (1951) werd zelfs gedacht dat Fawcetts schedel was gevonden, maar nader onderzoek leerde dat die niet van Fawcett kon zijn. Op aanraden van de Braziliaanse indianenkenner Orlando Villas Bôas hadden indianen beweerd dat de schedel van de vermiste ontdekkingsreiziger was om niet meer lastig te worden gevallen door mensen, die op zoek waren naar Fawcett.

The lost city of Z is een fascinerend boek, al vond ik de afwisseling tussen de voorbereidingen van de expeditie van de auteur en het historische verhaal hier en daar wat minder geslaagd. Maar daarom is het grote verhaal over de zoektochten in het regenwoud niet minder boeiend. De jungle herbergt nog vele mysteries.

Voor de laatste stand van zaken betreffende de kennis over Amerika vóór Columbus zie: 1491: New Revelations Of The Americas Before Columbus door Charles C. Mann

Meer Brazilië

Written by Bert Ernste

mei 19th, 2012 at 9:01 am

Braziliaanse cinema: Xingu: de indianen delven altijd het onderspit

leave a comment

Beeld eerste ontmoeting indianen en blankenDe film Xingu (2012) van Cao Hamburger (Het jaar dat mijn ouders op vakantie gingen) vertelt het ware verhaal van de gebroeders Villas Bôas, die zich in 1943 aanmeldden voor de Expeditie Roncador-Xingu, die de witte vlekken op de kaart van Brazilië in Mato Grosso moest inkleuren.

De broers, Cláudio, Orlando en Leonardo doen zich voor als ongeletterde arbeiders en krijgen een baantje bij de expeditie. Ze klimmen al snel op tot leiders van de expeditie en voorvechters van de belangen van de indianen. Dat bleven Cláudio en Orlando tientallen jaren doen. Leonardo moest zijn werk opgeven, toen hij een indiaanse zwanger maakte.

Het opkomen voor de belangen van de indianen is geen sinecure, zoals de film laat zien, want de ‘beschaving’ rukt op. Grootgrondbezitters hebben een begerig oog laten vallen op het regenwoud, dat ze uitermate geschikt achten om te rooien en er vee te houden. De militaire regimes, die Brazilië een tijd lang kende, steunen die belangen maar al te graag.

De gebroeders Villas Bôas moeten dan ook politiek bedrijven en compromissen sluiten. Zo accepteren ze dat de militairen een basis vestigen in Mato Grosso in ruil voor een groot indianenreservaat, dat ze -tactisch- niet een ‘inheems park’ noemen, “want niemand houdt van indianen”, maar een ‘nationaal park’, “want de militairen houden van de term nationaal”.

Als er een grote weg door het regenwoud moet worden aangelegd, zijn de gebroeders behulpzaam bij het verhuizen van de indianen, die anders geconfronteerd zouden worden met tractoren en ziektebrengende arbeiders, naar het beschermde gebied.

Compromissen dus, dat is overduidelijk, maar het is zeer waarschijnlijk dat zonder de inspanningen van de gebroeders Villas Bôas korte metten gemaakt zou zijn met de indianen, die in de weg zaten van militaire bases en de Trans-Amazoneweg. In die zin valt hun succes niet te onderschatten. In het Parque Nacional do Xingu wonen nu zesduizend indianen, die tien verschillende talen spreken. Om een idee te geven: in het park wonen cuicuros, calapalos, nauquás, matipuís, meinacos, auetis, uaurás, iualapitis, camaiurás, trumaís, txicãos, suiás, jurunas, caiabis, metotires, mencragnontires en crenacarores.

Omslag boekDe film laat maar heel even zien hoe er ook in Brazilië vaak grof geweld is gebruikt tegen de indianen. Orlando komt in een dorp, dat is uitgemoord en afgebrand. Een tactiek uit die tijd, die niet in de film te zien is, was vanuit een vliegtuig suiker over een indianendorp strooien. Mieren maken dan in zeer korte tijd een einde aan zo’n dorp. Er komt in Brazilië nog steeds veel geweld voor tegen indianen.

Het verhaal van de gebroeders Villas Bôas is ook door henzelf verteld in A marcha para o Oeste (De mars naar het westen). De film Xingu kleurt die geschiedenis op uiterst realistische en indringende wijze in. Je voelt de spanning van het eerste contact (aan beide zijden – uiteraard). De beelden uit het regenwoud, van de expeditie en de indianen zijn prachtig.

De film kent enkele scènes, die wat simplistisch zijn, zoals de onderhandelingen over een militair kampement in ruil voor een park en een discussie tussen de broers over meespelen met de autoriteiten.

Xingu is, in elk geval voor de goede verstaander, helder: er is heel veel bereikt door de Villas Bôas en dat tegen grote krachten in, maar de economie wint uiteindelijk en de indianen delven het onderspit.

Daarmee is Xingu een hele sterke, maar geen opwekkende film. Voor wie zijn ogen niet wil sluiten voor de realiteiten van deze wereld evenwel een absolute aanrader!

Meer Braziliaanse film | Meer Brazilië

Written by Bert Ernste

april 10th, 2012 at 9:37 am

Inheemse volken bedreigd – beschavingsdilemma’s

leave a comment

Recentelijk waren er berichten over ongecontacteerde indianen in het grensgebied van Brazilië en Peru. Die geïsoleerd levende indianen worden bedreigd door illegale houtkap in het regenwoud. De Peruaanse autoriteiten hebben nu, waarschijnlijk mede onder druk van de internationale aandacht, een inval gedaan in het houthakkerskamp.

Ook in Brazilië leven nog geïsoleerde indianenstammen, die bedreigd worden door illegale houtkap, hetzij voor de opbrengst van het hout, hetzij om gebieden kaal te maken om er veeteelt te kunnen bedrijven. Op andere plekken moeten indianen wijken voor de aanleg van stuwdammen, zoals bijvoorbeeld de Belo Monte stuwdam in de Xingu rivier.

De film Zagen van de ordeloosheid | Serras da desordem laat een indringend beeld zien van de ellende, die dergelijke praktijken voor de indianen veroorzaken. Het vertelt het ware verhaal van Carapirú, die na een brute aanval op zijn dorp eenzaam door de jungle zwerft, bij blanken terecht komt en via het bureau voor indianenzaken weer bij zijn stam (wat daar van over is) wordt gebracht. Trailer (begint saai, daarna goed):

Waar de inheemse bevolking in dergelijke gevallen altijd de zwakste partij is tegenover de ‘beschaafde’ wereld, verdienen ze zonder enige twijfel onze steun.

Toch zitten er grote dilemma’s in de omgang met geïsoleerde indianenstammen. De samenleving van de indianen is vaak niet die harmonieuze, op volstrekt ecologische manier met de natuur omgaande maatschappij, die je in de westerse beeldvorming vaak tegen komt. Er is angst voor boze geesten, er komen onderling gewelddadige verhoudingen voor en de gezondheidszorg is natuurlijk miniem, zodat veel indianen lijden aan ziekten en verwondingen, zonder dat daar wat aan gedaan kan worden.

Aan de andere kant werkt het contact met de ‘moderne’ maatschappij meestal sterk ontwrichtend en brengt die naast gezondheidszorg vaak juist ziektekiemen met zich mee, waar de inheemse bevolking geen weerstand tegen heeft. Het boek Rooksignalen van Ineke Holtwijk geeft een fascinerend beeld van het leven van de indianen en de dilemma’s, die de keuze tussen in isolement laten leven of niet met zich mee brengt. Wie begaan is met de indianen van Zuid-Amerika en met natuurvolken in het algemeen, doet er goed aan dit boek te lezen.

Alles bijeen krijgen we in de Nederlandse media een wat vertekend beeld van de indianen, zoals ik eerder als eens schreef in Stereotiepen: indianen in Brazilië en in De indiaan die een televisie wilde: het nieuws dat we niet krijgen. De indiaan is niet die nobele, ecologisch levende wilde, die we met onze westerse ogen (zegt meer over ons) graag willen zien. Blijft overeind dat de oprukkende ‘beschaving’ veel schade aanricht onder inheemse volken, die daarom onze solidariteit verdienen.

Meer Brazilië

Written by Bert Ernste

februari 8th, 2012 at 2:53 pm