Bert Ernste – Utrecht | São Paulo • weblog

Brazilië, West-Papua, media en meer

Archive for the ‘irian’ tag

Koloniaal: kralen en spiegeltjes

2 comments

Foto van wapenbord

Dit is een gietijzeren wapenbord zoals die vanaf circa 1850 door Nederlandse marineschepen langs de kusten van Nieuw-Guinea werden geplaatst om de Nederlandse aanspraken op het gebied te markeren. Deze stond aan de Geelvinkbaai (nu Teluk Cenderawasih). Hij is te vinden in de collectie van de Stichting Nationaal Museum van Wereldculturen.

Hieronder een fragment uit J. van Oldenborgh, Verslag eener reis van Ternate naar de Noord- en Noord-westkust van Nieuw-Guinea, gepubliceerd in 1882:

De mariniers droegen een Nederlandsche vlag en een wapenbord en zoo waren wij weldra geland.

Men ontving ons klaarblijkelijk zeer vriendschappelijk. In minder dan geen tijd waren wij door 2 à 300 inlanders omringd. Eenige hunner namen water in den mond en spoten ons daarmede in het aangezigt, nadat het in den mond met een zich aldaar bevindende sirihpruim in aanraking was geweest, een zeer vieze welkomsgroet, waaraan wij ons echter onderwierpen.

Anderen bragten klappers en sagokoeken aan, die wij aannamen en waarvoor wij eenige kleine geschenken in de plaats gaven. Alles ging gepaard met een woest geschreeuw en getier, terwijl er vooral groote neiging bestond onze geweren tegen hunne vrouwen te ruilen; althans moesten wij dat uit hun gebaren opmaken. Niemand echter raakte ons aan. Eerst na eenigen tijd onstond er eenige stilte, en konden wij hun aan het verstand brengen, wat wij met het wapenbord wilden doen.

Onmiddelijk werd er een groote paal gehaald, die op het eenigzins hoog gelegen strand of duin, dat wij van uit het schip reeds als de meest geschikte plaats hadden uitgekozen, in den grond werd gegraven; Hierna wisten wij den inlanders te beduiden, dat zij neder moesten knielen, waartoe wij zelf het voorbeeld gaven, en toen er door dit knielen een weinig minder gedrang was, werd het wapenbord aan den paal bevestigd, een Nederlandsche vlag er naast geplaatst, terwijl er rondom een kring werd getrokken, buiten welken een menigte geschenken als messen, kralen, spiegeltjes, kains enz. werden uitgespreid. Nu werd hun zoo goed en zoo kwaad als ’t ging aan ’t verstand gebragt, dat de geschenken voor hen waren, doch dat vlag en wapenbord niet mogten worden weggenomen. Hierop riepen wij driemaal hoerah, waarmede de inlanders vrolijk instemden, en onmiddelijk hun sirih en water besproeijing weder begonnen, terwijl anderen op de geschenken aanvielen en zooveel zij maar grijpen konden wegbragten. Aan eenige der oudsten werden nog eenige Nederlandsche vlaggen uitgedeeld en voor hen op de praauwen geplaatst, terwijl wij hun trachtten te beduiden, dat als er een schip kwam, zij dan met die vlaggen aan boord moesten komen. Of zij dit begrepen hebben betwijfel ik eenigzins.

 

Foto omslag boek 

 

De foto vond ik in: W.F.J. Mörzer Bruyns, Met de Triton en Iris naar Nieuw-Guinea. De reisverhalen van Justin Modera en Arnoldus van Delden uit 1828, Walburg Pers 2018.

> Meer Nederlands Nieuw-Guinea | West Papua

Hoe Indonesië West Papua koloniseert (boek)

leave a comment

Omslag van boek in het EngelsDe boekenkast opruimen kan verrassend zijn. Je vindt ineens dat boek waar je jaren naar zocht, of komt boeken tegen die je ondanks goede voornemens nog steeds niet gelezen hebt.

Dat laatste was het geval met het boek Poisoned arrows (Gifpijlen) van George Monbiot uit 1989. Het betreft een reisverhaal in West Papua, waarbij de auteur en zijn fotograaf proberen te achterhalen wat er waar is van het verhaal dat Indonesië de lokale bevolking verdrukt door het programma van transmigratie, waarbij grote aantallen immigranten van andere eilanden van Indonesië worden overgebracht naar West Papua.

Ondanks het feit dat het boek nu 25 jaar oud is, is het nog steeds zeer de moeite waard. De reisbeschrijving geeft een mooi, maar onthutsend beeld van West Papua 25 jaar nadat Indonesië daar de macht overnam van de Verenigde Naties, die het gebied enkele maanden bestuurden nadat Nederland als koloniale macht was afgedropen. West Papua viel onder de naam Nederlands Nieuw-Guinea eeuwenlang onder Nederlands gezag.

De auteur gaat samen met zijn fotograaf buiten de gebaande paden. Ze trekken door de rimboe met papuagidsen en negeren daarbij het pasjessysteem van de Indonesische autoriteiten. Als ze weer in de bewoonde wereld aankomen, houden ze dan ook hun hart vast, wanneer ze zich weer melden bij de lokale politiefunctionaris. Ze hebben geluk: die vindt het een mooie bak dat ze zijn collega’s in het vorige dorp het nakijken hebben gegeven en zet opgewekt de nodige stempels op hun papieren.

De beschrijving van de plaatsen waar de schrijver en zijn fotograaf komen, zijn levendig en zeer leesbaar. Ze scheppen een beeld van langs elkaar levende groepen: de autoriteiten die lang niet altijd met vreugde op hun post in West Papua zitten, transmigranten van verschillende eilanden van de archipel en ‘spontane’ immigranten en een steeds verder gemarginaliseerde lokale bevolking.

Daarbij laat het boek zien dat het Indonesische transmigratieprogramma ook voor de transmigranten vaak een bittere teleurstelling was. In een aantal gevallen werden die gehuisvest op onvruchtbare stukken land, zonder de beloofde infrastructuur, zoals wegen en gezondheidszorg. Ziekenhuizen en andere infrastructuur, die Nederland achterliet was, voor zover het roerende zaken betrof, grotendeels naar Java afgevoerd. Dat de transmigranten niet kregen wat hen beloofd was, lag vaak aan slechte planning, vaak ook aan corruptie. Er waren bijvoorbeeld projectleiders die materiaal achter hielden om te verkopen of om zelf een tweede huis te laten bouwen. De Wereldbank speelde een kwalijke rol bij het transmigratiepogramma.

Omslag boek in het NederlandsDe lokale bevolking, de papua’s hadden helemaal het nakijken, want zij raakten steeds meer gemarginaliseerd door de instroom van Indonesiërs van andere eilanden, die een geheel andere cultuur en religie hadden en bovendien meestal neerkeken op de volgens hen primitieve en vieze papua’s. De grond waarop de transmigranten gehuisvest werden, of waar delfstoffen worden gewonnen (er is een enorme kopermijn in West Papua) werd ontnomen van de papua’s, zonder dat deze daar een fatsoenlijk alternatief of vergoeding voor kregen.

Ook probeerden de Indonesische autoriteiten een aantal keren om papuagemeenschappen te dwingen om ‘Indonesisch’ te gaan leven. Bijvoorbeeld door het afbranden van de huizen van de papua’s om hen te te noodzaken huizen naar Indonesisch model te aanvaarden. In een dorp hakten Indonesische militairen de bananenbomen van de papua’s tussen het dorp en de rivier om, omdat ze anders geen zicht hadden op het stuk tussen hun kazerne en de rivier, wat bij een eventuele aanval problemen geeft. Dat die bomen een belangrijke voedselbron waren van de lokale bewoners, werd genegeerd.

Niet verrassend dus dat er veel verzet was onder de papua’s. De schrijver van het boek probeert ook contact te leggen met de guerillastrijders, wat met de nodige voorzichtigheid moet gebeuren. Uiteindelijk constateert hij dat de papua’s bij gebrek aan buitenlandse steun een gewapende strijd tegen het Indonesische regime nooit en te nimmer kunnen winnen.

Ook na 25 jaar is Poisoned arrows nog steeds een onthutsend boek, vooral als je weet dat de situatie voortduurt. Sommigen spreken van een langzame genocide. Het transmigratieprogramma staat weliswaar op een laag pitje, maar de lokale bevolking wordt nog steeds als oud vuil behandeld en steeds meer gemarginaliseerd. Of je dat genocide moet noemen is twijfelachtig, maar dat de papua’s zwaar onderdrukt worden staat als een paal boven water.

Dit boek brengt die akelige realiteit in onze oud-kolonie op uitstekende wijze tot leven, meer dan de talloze, logischerwijs wat afstandelijke rapporten over mensenrechtenschendingen en de sociaal-economische positie van de papua’s, onze voormalige rijksgenoten. Tevens is het een boeiend reisboek. Over een heel bijzondere reis. Warm aanbevolen.

De Nederlandse vertaling van het boek staat online (gratis). Het pdf-bestand is het best leesbaar.

Meer West Papua

Written by Bert Ernste

november 3rd, 2014 at 7:52 am

Op patrouille in Nederlands Nieuw-Guinea

one comment

Bij uitzondering vandaag op mijn weblog een post van een andere schrijver, namelijk mijn vader Th. Ernste, die in 1951 een uitgebreide patrouillereis maakte in Nederlands Nieuw-Guinea, dat tot 1962 een Nederlandse kolonie was. In deze blogpost een paar fragmenten uit zijn verslag. Het volledige verhaal vindt u hier, een bewerkte versie op Java Post.

Foto van mariniers in motorsloep“De kampong was netjes aangeveegd, en alles was gereed gemaakt voor de ontvangst. De oude man uitte enige onverstaanbare klanken, overigens kennelijk vriendelijk bedoeld als begroeting en daarna werden “stoeltjes” en “banken” aangeesleept, om de “patroelie” te laten uitrusten van de vermoeienissen. Aan de omvang van de kampong was duidelijk te zien, dat in vroegere tijden het aantal bewoners van PEGUN veel groter was geweest, dan ten tijde van ons bezoek. Gezien ook de ouderdom der vrouwen, vrees ik het ergste voor het voortbestaan van deze kleine kampong. Doordat de voorvloed nogal flink doorzette, moesten wij vrij snel weer terugkeren en na ongeveer 26 minuten in de kampong te hebben rondgekeken, was het weer tijd om te vertrekken. Het afscheid van de PEGUN-bevolking was hartroerend. De oude man prevelde weer wat, en kreeg daarbij tranen in de ogen. Wij hebben ter plaatse uit beleefdheid ernstig en ook enigszins bedroefd gekeken, maar pakten toch schielijk onze biezen. In gestrekte draf gingen we langs de westelijke kant van het eiland weer naar de landingsplaats.”

“Daartoe werden we aan land gezet hij de kampong LAM LAM, die evenwel nagenoeg geheel verlaten lag. Slechts één huis was nog maar bewoond en van de enige vrouw ter plaatse vernemen wij, dat de kampong sinds enige tijd in drieën gesplitst was. Dit vond zijn oorzaak in het feit, dat zich bij een deel van de bevolking lepra had geopenbaard, welke mensen al spoedig verstoten werden en een aparte kolonie stichtten. Aangezien evenwel ook na deze “maatregel” de lepralijders vrij frequent hun oude kampong, inmiddels LAM LAM LAMA genoemd, bleven bezoeken om hun naaste familieleden te zien, hebben de gezinnen, die geen prijs stelden op deze visites, aan de overkant van de baai hun LAM LAM BAROE gesticht. Deze wel ver doorgevoerde splitsing werd wel erg in de hand gewerkt doordat de kepala-kampong een liaisonnetje had in een verder afgelegen kampong en reeds geruime tijd afwezig was.”

Foto van Fak Fak met Hr. Ms. Banckert op de rede“De “Banckert” kon niet dicht genoeg naderen, en weer worden een aantal Mariniers in een paar motorsloepen gedropt, opnieuw vergezeld van de dokter, om zich naar DEER te begeven. Wie schetst onze verbazing, toen we op de steiger werden ontvangen met het “WILHELMUS”, geblazen op een 20-tal bamboefluiten, bespeeld door evenveel Papoea- jongetjes en meisjes. Hun repertoire omvatte naast natuurlijk het Yankie-Doodle ook nog “vaderlandse” wijsjes, zoals “Piet Hein” en de “Blauw geruite Michiel”. We horen zwijgend de muziek tot het einde toe aan, en toen de kinderen vol verwachting stopten, werden ze door de Mariniers ruimschoots beloond. Daarna verscheen de kampong-oudste, die ons al meteen duidelijk maakte, dat het grootste deel der bevolking vertrokken was naar het eiland MISOOL, om voedsel te halen tengevolge van de grote schaarste aan levensmiddelen. We zijn in twee groepen om- en over het eiland getrokken, maar inderdaad was op heel DEER niets eetbaars in behoorlijke hoeveelheden te vinden.”

“Hoewel de ontvangst lang niet zo hartelijk was als in DEER, maakte de Mohammedaanse bevolking toch geen ongunstige indruk. Typisch is, dat tal van Papoea’s hier geen Maleis spreken, wat elders nagenoeg niet voorkwam. Dit viel te meer op, omdat de invloed vanuit Indonesië onmiskenbaar was, waarvan het met behulp van bamboebuizen gemaakte systeem van stromend water o.a. blijk gaf. Ook hier waren in de huizen foto’s van Prinses Wilhelmina. Na OFI bezochten we nog TETAR, een kampong op enige honderden meters varen van OFI en in tegenstelling tot de eerste, geheel bestaand uit Christen Papoea’s. De Goeroe (Ambonees) was zeer gastvrij en liet ons overal rondneuzen in de school (-kerk) en zijn eigen huis.”

Foto van strand bij Saonek besar“De weg voerde ons boven langs een paar diepe, begroeide ravijnen, om uit te komen in een kali, die bruisend en kolkend zijn bandjirende water loosde in zee. Voetje voor voetje, elkander een de koppels vasthoudende, trachtten wij op de smalste plaats over te steken. Alles ging goed, hoewel de voorsten erg veel moeite hadden, om zich tegen de hevige kracht van de stroom in, staande te houden, tot nummer drie van de reeks de koppel van zijn voorganger losliet, en daarmee de beide voorsten een het geweld van het water overgaf. Even wankelden deze twee, toen was het bekeken, en werden ze meegesleurd. Gelukkig hadden beiden zoveel verstand om elkander vast te blijven houden. Dit was hun redding en een 25 meter stroomafwaarts kon een van hen zich schrap zetten tegen een der grote keien, die overal in de kali verspreid lagen. Langzaam zijn ze toen weer gezamenlijk naar de kant gewaad. Na hun gramschap te hebben uitgestort over de man, die had losgelaten, werd een andere plaats voor oversteken gezocht, die ons tenslotte werd aangewezen door een heel klein Papoea jochie aan de overkant.”

Originele patrouilleverslag | Bewerkte versie op Java Post

Meer Nederlands Nieuw-Guinea

Beelden uit West Papua | voormalig Nederlands Nieuw-Guinea

leave a comment

Enkele foto's uit West PapuaWest Papua, het voormalige Nederlands Nieuw-Guinea (tot 1962), komt maar weinig in het nieuws. We zijn onze rijksgenoten, die nu zuchten onder het onderdrukkende Indonesische regime, wel erg snel vergeten.

Al Jazeera maakte een documentaire over dit vergeten conflict. Daarvoor moest de verslaggever stiekem haar werk doen, want de Indonesische autoriteiten dulden geen pottenkijkers in het gebied.

De documentairemaakster publiceerde een aantal foto’s van haar reis. In 2007 bezocht ze de Baliemvallei in West Papua.

Meer West Papua

Mariniers en Indo’s: herinneringsliteratuur uit Nederlands Nieuw-Guinea

leave a comment

Omslag boek Hollandia bluesNieuw-Guinea, onze laatste kolonie in de Oost, heeft altijd een magische klank gehad in Nederland. Het beeld van primitieve stammen die nog in het stenen tijdperk leefden sprak tot de verbeelding. Dat kwam mede door de boeken van Anthony van Kampen, zoals Jungle Pimpernel (1949). De magie van het oerwoud en de geestenwereld van de papua’s spraken tot de westerse verbeelding, zoals ook het boek Stenen tijdperk van Aad van den Heuvel (1991) laat zien. Voeg daarbij de spanning van ons laatste koloniale oorlogje en het verlies van de kolonie aan Indonesië (1962/3) en je hebt een spannende mix.

Het is dus niet verwonderlijk dat er vele boeken zijn verschenen, die op Nederlands Nieuw-Guinea spelen. Naast de al genoemde bijvoorbeeld Wat gebeurde er met sergeant Massuro? (1972) van Harry Mulisch, De muskietenoorlog (1978) van Bouke B. Jagt, De balenkraai (1967) van Aad Nuis, diverse boeken van F. Springer en nog veel meer.

Alex Bal schreef De laatste Indo (2010) over het leven van zijn familie in Nieuw-Guinea nadat ze uit het onafhankelijk geworden Indonesië moesten vertrekken, om een kleine vijftien jaar later ook uit Nieuw-Guinea weg te moeten.

Hollandia blues (2012) van Peter Klencke gaat over het opgroeien van een Indische jongen in Hollandia, de hoofdstad van Nederlands Nieuw-Guinea. Het boek pretendeert een roman te zijn, maar leest als een dagboek en heeft iets te weinig dramatische ontwikkeling voor een goede roman. Als tijdsbeeld echter zeer de moeite waard.

Mariniers
Ook een aantal militairen, die naar Nieuw-Guinea werden gestuurd, schreven over hun ervaringen, zoals Ruurd Eisenga. In 2011 verscheen van hem Erfenis uit het verleden, dat voor de helft speelt op Nieuw-Guinea, waar de hoofdpersoon als jonge marinier op Indonesische parachutisten moet jagen. Ter plekke heeft hij een vurige relatie met een Nederlandse getrouwde vrouw, die vertrokken blijkt te zijn als hij van een patrouille in de rimboe terugkeert. Jaren later komt hij er in Nederland (het tweede deel van het boek) achter dat zijn relatie gevolgen heeft gehad. Een goed geschreven boek, met een ietwat fantastische ontknoping, al moet gezegd worden dat de werkelijkheid soms fantastischer is dan literatuur.

Omslag boek Erfenis uit het verledenVanwege mijn interesse in Nieuw-Guinea was ik daarna extra geïnteresseerd in Eisenga’s De mariniers van Klademak (1982), omdat dat helemaal over Nieuw-Guinea gaat in de periode vlak voordat Nederland het gebied verloor.

De mariniers van Klademak is een roman, natuurlijk, maar het boek geeft een realistisch beeld van het leven van de (dienstplichtige) mariniers, de problemen van oorlogvoering in de rimboe en hoe ondertussen elders op politiek niveau besloten wordt om Nieuw-Guinea aan Indonesië te laten. Wie de verslagen uit Patrouilleren voor de Papoea’s (1990) van R.E. Holst Pellekaan, I.C. de Regt en J.F. Bastiaans ernaast legt, ziet duidelijke overeenkomsten. Ook in dit boek van Eisenga heeft de hoofdpersoon een heftige relatie met een getrouwde vrouw. Deze keer heeft die relatie een happy end.

De mariniers van Klademak laat zien dat het leven en werken van de mariniers in Nieuw-Guinea heel anders was dan we nu in actiefilms en in reportages van de troepen in Irak en Afghanistan zien. De uitrusting van de militairen in Nieuw-Guinea was primitiever en de training veel minder goed. Het eten was vaak slecht (oude oorlogsvoorraden) en leidde nogal eens tot voedselvergiftiging. Soms werd er maar in het wilde weg patrouille gelopen, omdat een ambitieuze luitenant het wel even dacht te maken.

Ook het leven na de dienst, het grotendeels ontbreken van vertier, de rivaliteit en zelfs kloppartijen met de Koninklijke Landmacht brengt Eisenga treffend in beeld. Je leeft mee met de Hollandse jongens, die naar de andere kant van de wereld werden gestuurd om een laatste koloniale oorlog uit te vechten, hoe kleinschalig die dan ook was.

Als je de beide boeken van Eisenga na elkaar leest is het terugkerende thema van de liefdesrelatie met een getrouwde vrouw iets minder sterk. Het later verschenen Erfenis uit het verleden is wat beter geschreven, maar beide boeken zijn zeer lezenswaard.

Koloniale literatuur
Opvallend in beide boeken van Ruurd Eisenga en ook in Hollandia blues is dat de omgang met de lokale bevolking erg beperkt is. De cultuur- en taalverschillen zijn groot en de papua’s treden in deze boeken voornamelijk op als gidsen en lokale politiemensen, of als onderontwikkelde stamleden. Ze komen niet op de feestjes en in de uitgaansgelegenheden van de blanken en Indo’s. Zo zat die wereld nu eenmaal in elkaar.

Dat geldt trouwens voor het overgrote deel van de literatuur over Nieuw-Guinea. Die gaat veelal over de bovenkant van de koloniale samenleving, over de kolonisten en niet of nauwelijks over de papua’s. Het is nog steeds koloniale literatuur. Zeer lezenswaard, zeker, maar het zou uiterst interessant zijn als nieuwe auteurs het literaire beeld zouden completeren en ook de inheemse samenleving van die tijd in verhouding tot die koloniale bovenlaag zouden beschrijven.

(Mocht u romans kennen, die dat doen en die ik over het hoofd zie, hoor ik het graag.)

Meer boeken West Papua | Nieuw-Guinea

Meer West Papua

Indonesische leger valt dorpen West Papua aan

3 comments

Foto papua demonstrant met bord: Regering vergeet ons niet!Het Indonesische bewind houdt opnieuw huis in West Papua, dat in 1963 van een Nederlandse kolonie Indonesisch gebied werd (in 1969 bestendigd door een totaal gemanipuleerde volksstemming). In het gebied Paniai voeren de Indonesische strijdkrachten onder meer met helicopters aanvallen uit op een groot aantal dorpen. In het betreffende gebied zijn tegenstanders van het Indonesische regime actief. Volg hier de berichten.

Indonesië heeft een treurige geschiedenis van mensenrechtenschendingen in West Papua, te beginnen met de volksstemming die geen volksstemming was. Dat er in de voormalige Nederlandse kolonie verzet is blijven smeulen, ondanks (dank zij) de Indonesische onderdrukking, mag dan ook geen verrassing zijn.

De Nederlandse overheid kijkt weg, ondanks het feit dat het gebied eeuwenlang een Nederlandse kolonie was. Dat geldt ook voor de internationale gemeenschap. Iedereen is bang een groot land als Indonesië voor het hoofd te stoten. De media, ook de Nederlandse, volgen daar in. Ik ben benieuwd of dit offensief wel een berichtje in het Nederlandse nieuws waard is.

Achtergrond West Papua | Nederlands Nieuw-Guinea

Meer West Papua | Nederlands Nieuw-Guinea

Written by Bert Ernste

december 13th, 2011 at 6:29 pm

Oud-rijksgenoten getroffen door noodweer

leave a comment

Noodweer heeft de voormalige Nederlandse kolonie West Papua (voorheen Nederlands Nieuw-Guinea) getroffen. Sommige berichten spreken al van 56 doden.

Aanvulling 7 oktober 2010: inmiddels al 97 doden.

West Papua is sinds 1963 deel van Indonesië (dat tot kort na de tweede wereldoorlog Nederlands Indië was). Indonesië fraudeerde de volksstemming onder de lokale bevolking.

We hebben onze voormalige rijksgenoten snel vergeten. Althans de meeste mensen, waaronder onze politici.

Oktober 2010

Meer West Papua | Nederlands Nieuw-Guinea

Written by Bert Ernste

februari 9th, 2011 at 2:28 pm

Weet u nog? Nederlands Nieuw-Guinea | West Papua (4)

leave a comment

Ansichtkaart met kaart van Nieuw-GuineaHet is al vaker gezegd, ook op dit blog, dat Nederland (wij dus) onze voormalige Nederlandse kolonie Nieuw-Guinea links laten liggen.

De lokale bevolking mocht, zo leek het, bij het vertrek van Nederland (1962) zelf over haar toekomst beslissen. Indonesië manipuleerde en fraudeerde de volksraadpleging en zo kwam de westelijke helft van Nieuw-Guinea bij Indonesië.

De bevolking bleef protesteren, waar de Indonesische autoriteiten hard tegen optraden. Er leek wat te verbeteren toen West Papua, zoals het gebied nu heet, tien jaar geleden ‘speciale autonomie’ kreeg.

Alleen bleek dat een wassen neus, zoals steeds meer mensen inzien. Mensenrechtenschendingen zijn nog steeds een groot probleem. Zie hier.

September 2010

Meer West Papua | Nederlands Nieuw-Guinea

Written by Bert Ernste

februari 7th, 2011 at 9:37 am

Weet u nog? Nederlands Nieuw-Guinea | West Papua (3)

leave a comment

De frustraties in West Papua, het voormalige Nederlands Nieuw Guinea blijven groot, zo blijkt uit een nieuw rapport van de International Crisis Group. De ‘speciale autonomie’ van West Papua stelt weinig voor en de lokale bevolking voelt zich zwaar tekort gedaan in eigen land.

Het blijft raar, ik blijf het zeggen, dat we in Nederland zo weinig willen weten van deze voormalige Nederlandse kolonie (tot 1962!).

Augustus 2010

Meer West Papua

Written by Bert Ernste

februari 4th, 2011 at 8:43 pm

Herinneringen aan Nieuw-Guinea

leave a comment

Foto van de KaloekoeWat gaat de tijd snel! Zo ben je een tienjarige knaap, die met zijn ouders naar het toenmalige Nederlands Nieuw-Guinea vertrekt, en dan is het al weer bijna vijftig jaar later – een leven verder, de herinneringen aan Manokwari en Hollandia vervagend.

Maar toch, hoe kort mijn tijd in Nieuw-Guinea ook was – we gingen voor drie jaar, het werd iets van tien, elf maanden, vanwege het verloren koloniale oorlogje – hij heeft veel indruk gemaakt.

Papoea’s uit het Arfakgebergte kwamen om het gras te maaien rond het huis in Manokwari. Als blank jongetje keek je je ogen uit. De veiligheidsspeld in het oor van Adam, de leider, fascineerde.

Zwemmen en snorkelen bij het strand van Pasir Poetih was geweldig. Op weg daarheen kwamen we langs enkele kampongs, die uitliepen en om rotih (brood) vroegen. Ervaringen, die je als tienjarig Hollands jongetje nog niet kunt plaatsen, maar die je wel bij blijven. Zo herinner ik mij ook de Chinese winkel in Manokwari met al die aparte spulletjes en geuren. Ik kocht er een soort multomap met Nieuw-Guinea op de omslag. De papoea-assistent van de lagere school (Klim en Daal) maakte een pijl en boog voor me.

Onvergetelijk was ook de bootreis met de Kaloekoe van de KPM (Koninklijke Pakketboot Maatschappij) van Manokwari via Biak en Japen naar Hollandia. Onderweg deden we ook nog een eilandje aan om een planter te bevoorraden. We mochten met de sloepen aan land en even zwemmen, terwijl de goederen voor de plantage werden uitgeladen.

In Hollandia begon ik iets te begrijpen van de politieke spanningen rond Nieuw-Guinea, dat door Indonesië werd opgeëist. Mijn schoolmaatjes en ik hadden een duidelijke mening: Nederland had het beste voor met de papoea’s. Ach, we praatten natuurlijk onze ouders en de heersende ideologie na.

Wat lijkt het nu lang geleden, wat is de tijd snel gegaan. Het feit dat de westelijke helft van Nieuw-Guinea tot 1962 Nederlands was, is bij de meeste Nederlanders niet meer bekend, vrees ik. Nederland is dat gebied, waar we het zo goed mee voor hadden (zeiden we), wel erg snel vergeten. Dat geldt natuurlijk niet voor de mensen die er woonden, werkten en leefden, maar wel voor vrijwel de hele rest van de Nederland. En voor de Nederlandse politiek. Economische belangen in Indonesië wegen zwaarder dan de mensenrechten in onze voormalige kolonie.

Augustus 2010

Meer herinneringen aan Nieuw-Guinea

Written by Bert Ernste

februari 4th, 2011 at 10:39 am